Your browser does not support JavaScript!

VR Selectie

Selectie van varroa resistente bijen

Bijenverliezen

De beslissing om te starten met selectie van Varroa resistente bijen kwam er zo’n 10 jaar geleden. Net als vele imkers werden grote verliezen op de bijenstanden geleden, waarbij zo’n 80% van de volken het winterseizoen niet overleefden. De bijenvolken waren geïnfecteerd met Varroa destructor en Varroa-geassocieerde ziekten.
In 2009 werd een grote hoeveelheid koninginnen aangekocht bij verschillende telers. De volgende lijnen werden aangekocht:

AM 05311 AM 10K20 B15 BZF-B252PN B11 BZF-B59 BZF B13 BZF-B 104SL KB130-KB108 KB700 GESELECTEERDE KONINGIN B42BZF-B100 JG Verschillende primorsky k – zonder stamboom

Varroadruk en Hygiene

Deze lijnen werden gedurende een jaar opgevolgd en geëvalueerd op Varroadruk. Echter bleek geen enkele lijn goed bestand tegen Varroa. Alle lijnen vertoonden infectie en geen enkele lijn kon in stand gehouden worden zonder anti-parasitaire behandeling. Bovendien slaagde ook geen enkele van deze lijnen er in om binnen 24h door vloeibare stikstof verbrande broedcellen te detecteren en op te ruimen, een robuuste proef die toelaat te peilen naar het hygiënisch gedrag van de bijen. De best presterende lijnen waren in staat om het beschadigde broed in ongeveer 30h te detecteren en op te ruimen, namelijk de lijnen B13BZF-B104SL / KB220-KB108. Van deze koninginnen werden een aanzienlijk aantal nakomelingen geteeld en werden na testen op hygiënisch gedrag de darren gebruikt om terug in te kruisen op moedervolk, namelijk B13BZF-B104SL.

Deze selectie werd gedurende verschillende jaren aangehouden, waardoor de opruimtijd van het beschadigde broed steeds meer daalde, en uiteindelijk halveerde naar een opruimtijd van 16h. Parallel leverde dit op dat een deel van de volken die een korte opruimtijd hadden bereikt ook in staat waren om de winter door te komen zonder enige behandeling. Hoewel het hygiënisch gedrag van de bijen steeds toenam, overleefden toch niet alle volken, met het hygiënisch gedrag, de winter.

Bevriezen van broed met vloeibare stikstof
Bevriezen van broed met vloeibare stikstof
Het ruimen van beschadigde larven
Het ruimen van beschadigde larven

Grooming

Varroa mijt wordt bestudeerd om beschadigingen te identificeren
Varroa mijt wordt bestudeerd om beschadigingen te identificeren

Na nauwkeurige inspectie en zorgvuldige monitoring werd vastgesteld dat de best presterende en overlevende bijenvolken nog een extra eigenschap vertoonden, namelijk : grooming. Zowel op de vliegplank als in het volk vertoonden bepaalde volken opvallend kuisgedrag (grooming). Dit gedrag draagt duidelijk bij aan resistentie tegen Varroa, wat kan afgeleid worden uit de beschadigingen die gevallen mijten bij grondige inspectie vertonen. De meeste mijten die werden aangetroffen in de overlevende volken waren nog in leven en ontbraken bv poten of vertoonden schade aan het schild, wat doet vermoeden dat bijen de Varroa mijten actief verwijderd hebben.
Deze eigenschap werd daarom geïncorporeerd in de kweek en een aanzienlijk aantal lijnen werd nageteeld van volken die een korte opruimtijd vertonen en bovendien grooming gedrag vertoonden (geëvalueerd door de inspectie van de mijten en visuele inspectie van de bijen op de vliegplank en in de kast. De betere darrenvolken werden opnieuw gebruikt om terug in te telen.
Alle nakomelingen vertonen nu een hoge Varroa resistentie en het omgekeerde van 10 jaar geleden is dat nu 90 % van de niet-behandelde volken door de winter komen. De komende jaren zal deze selectie verder uitgebreid worden met nieuwe bloedlijnen en dit zonder verlies van de reeds geïsoleerde eigenschappen.

Nieuwe bloedlijnen

Het opstarten van nieuwe bloedlijnen laat toe meer genetische variatie, en dus een betere vitaliteit en aanpasbaarheid aan veranderende omgevingsfactoren te bekomen in de volken. Bovendien laat dit toe om andere voordelige eigenschappen te bekomen die, gecombineerd met de Varroa resistentie, leiden tot bijenvolken die optimaal presteren en overleven. Om dit te bekomen worden meerdere koninginnen van verschillende Buckfasttelers in Europa aangekocht. Deze koninginnen worden allen opgestart in mini+ kasten onder dezelfde omstandigheden en in dezelfde omgeving, wat toelaat deze koninginnen te vergelijken. Na een eerste winter worden de volken vergeleken op eigenschappen zoals trosvorming en voedselverbruik. De daaropvolgende jaren worden eigenschappen zoals volkgroei, zachtaardigheid, raatzit, honingopbrengst en zwermtraagheid geëvalueerd.

De koningin van het volk dat het beste presteert voor deze eigenschappen wordt gebruikt voor het kweekprogramma dat focust op de Varroa resistentie en dus gekruist met darren afkomstig van de hierboven vermelde Varroa resistente lijnen. Elk jaar worden er nieuwe koninginnen aangekocht om zodoende steeds op zoek te gaan naar geschikte koninginnen voor het daarop volgend jaar.

Raatzit
Raatzit